• Home
  • Meest Gestelde Vragen

Meest Gestelde Vragen

Tips en uitleg voor de aanschaf van bedden, matrassen en onderveringen (slaapcomfort)

Als u een nieuw bed wil kopen komt u in een wereld terecht, waar u na enige orientatie bij diverse slaapzaken totaal niets meer van snapt. Wat de ene zaak als de ideale oplossing – merk en soort bed – aandraagt, wordt door de andere totaal afgeraden. De beddenwereld wordt gedomineerd door de merkfabrikanten. Het is best begrijpelijk, dat de consument, die het spoor bijster is – gezien de uiteenlopende adviezen – steun denkt te vinden bij een bekende fabrieksnaam. Maar betekent dit ook, dat een systeem van een kwalitatief goed merk ook bij u past?

Ook is er een categorie, die denkt beter uit te zijn bij aankoop van het duurste bed en dat is vaak een onterechte gedachte. De kosten van hoge reclameuitgaven vindt u echter vanzelfsprekend terug in een hoge aankoopprijs. Enkele specialisten gebruiken een meting om vast te stellen welk matras en/of ondervering het beste kan worden gekocht. De meeste andere slaapspecialisten zeggen daarentegen dat zij door jaren ervaring het ook wel kunnen zien, zonder te meten of het bed past. Daarbij vertellen ze dat de ruggegraat goed recht ligt. En dat door de kleding heen!

Over de zin of onzin van metingen; Kort samengevat: Er bestaan 3 soorten metingen: drukmeting, profielmeting en spierspanningsmeting. Drukmeting is niet zinvol omdat de druk bij “normale, gezonde mensen, die niet langdurig op bed moeten liggen” niet verdeeld moet worden. Profielmeting is niet zinvol omdat de meting in slechts 1 zijligging (links of rechts) op een dun testmatrasje op een specifieke lattenbodem wordt gedaan. De mens is niet recht en symmetrisch. en het systeem draait alleen om een lattenbodem. De spierspanningsmeting is de enige meting die een objectief beeld geeft, waarbij de mate van de eigen, persoonlijke houdingverandering tussen diverse slaapsystemen wordt vergeleken. Doordat het kunnen meten van de spieren een hoog opleidingsniveau en investering in specialistische apparatuur vraagt zijn er slechts weinig winkels die de spierspanningsmeting uitvoeren.

Vrijwel alle verkopers en ook de consumentenbond raden aan vooral op het eigen gevoel af te gaan. Onderzoek op wetenschappelijk verantwoorde basis geeft echter aan, dat het eigen gevoel u minder dan 3% kans geeft de juiste aankoop te doen! Door u zelf te laten voelen leggen zij de bal bij u. Bent u dan niet tevreden dan is het “uw eigen gevoel” dat de basis van uw aankoop was. Een gang naar de Geschillencommissie lost niets op. Deze stuurt een deskundige die slechts naar de kwaliteit van de geleverde materialen kijkt en niet naar de geschiktheid voor u.

Ook adviseren vrijwel alle verkopers van slaapcomfort aan partners beiden hetzelfde type slaapcomfort (matras en ondervering) aan te schaffen en verkopen aan zwaardere personen stuggere matrassen. Recent publicaties van onderzoek bevestigen onze stelling, dat zwaardere personen over het algemeen soepeler matrassen moeten hebben.

Al jaren krijgt de Stichting Voorlichting Slaapcomfort – SVS – allerlei vragen door consumenten gesteld over de meest uiteenlopende zaken die met slapen verband houden. De opzet achter deze consumentenvraagbaak op onze website is om de veel voorkomende vragen gerubriceerd te beantwoorden.


1. Waarom kun je niet alleen volstaan met een goede en/of dikkere matras en zonder ondervering – gaatjes-boardbodem of planken - ook goed slapen?

Om goed in de ideale zijlighouding (zie antwoord op vraag 11) te kunnen liggen heeft de mens op de eerste plaats een soepel uitvoegende matras nodig en op de tweede plaats moet de ondervering aanvullend op de matras de nodige plaatselijke extra steun en ruimte geven. Alleen een dikke matras op een harde ondergrond kan niet voor de juiste houding zorgen, omdat de bredere schouder- en bekkenpartij niet kan worden afgeveerd wegens het ontbreken van ruimte in de ondergrond.

2. Kun je alleen met de aanschaf van een nieuwe matras volstaan?

Een nieuwe matras op een bodem die niet in voldoende mate bij elkaar past – te hard, zonder zones of de zones sluiten niet op de matras aan – zal net zo min als een zeer dikke matras op een vlakke te harde bodem (zie 1) de juiste ondersteuning geven.

3. Maakt het uit welke ondervering onder de matras wordt toegepast?

Een ondervering moet goed passen bij een matras. Vergelijk met een auto, de schokbrekers moeten bij de afmetingen, gewicht et cetera passen. Onder een zware terreinwagen zitten andere schokbrekers dan onder een Smart. Is in principe alleen een matras te vervangen vanwege slijtage dan zal vrijwel altijd ook de ondervering vervangen moeten worden. Andersom zal bij een versleten ondervering ook niet volstaan kunnen worden met alleen de vervanging van de ondervering, maar ook vervanging van de matras is dan aan de orde. Het totale slaapcomfort wordt globaal voor 45% door de matras en voor 40% door de ondervering bepaald en 15% door het kussen. We spreken uitdrukkelijk over ondervering, dus niet over gaatjesbodems of massieve latten/planken.

4. Welke soort matras past het beste op een lattenbodem, spiraal of boxspring?

Op een lattenbodem past het beste een soepel uitvoegende schuimmatras, waarbij matrassen van natuurlatex naast een goed uitvoegend vermogen ook over een goede vochthuishouding kan worden gesproken, mits er van meer dan 85% natuurlatex sprake is. Helaas mag in de EU al bij 40% natuurlatex (en dus 60% synthetische latex) over een natuurlatexmatras worden gesproken. De Zwitserse norm is: een natuurlatex matras bevat meer dan 85% natuurlatex. Op een boxspring kan bijna elke soort matras worden toegepast, maar men moet goed letten op een goede vochtdoorlatendheid van de matras. Bij pocketveermatrassen zijn het vooral de afdeklagen waar naar moet naar moet worden gekeken. Op een spiraal ondergrond is een binnenvering of pocketvering matras doorgaans beter dan een natuurlatex (85%). Bij belasting kan het netwerk eigenlijk alleen maar uitzakken. Om die reden is een pocketveer, die meer tegendruk geeft soms beter. De spiraal is superieur op het punt van vochtafvoer, maar door het ontbreken van zones verliest de spiraal het van een lattenbodem of boxspring.

5. Past een pocketvering ook bij een lattenbodem?

Op een lattenbodem kan beter geen pocketvering gebruikt worden. Een lattenbodem zal door de gebogen veerkrachtige latten bij belasting tegendruk geven. Een veer geeft dan samen met de lat te veel druk. Een ander punt is nog, dat er een verschil zal komen tussen door latten gedragen veren en pocketveren die tussen de latten staan. Een oplossing lijkt dan om het aantal latten in de bodem op te voeren van 24 naar 28 latten of in sommige gevallen 42 latten. Maar vooral in dat laatste geval wordt de bodem als het ware dichtgetimmerd en veel te hard.

6. Moet op een boxspring altijd een pocketvering worden gebruikt?

Nee, ook een goede natuurlatexmatras (meer dan 85% natuurlatex) kan een uitstekende totaalcombinatie opleveren.

7. Hoe hard of zacht moet een matras zijn?

De hardheid van een matras is niet op een schaal van bijvoorbeeld 1 tot 10 uit te drukken. Veel matrassen bevatten zones, soms 7 andere weer 5 zones, die allen een verschillende hardheid bezitten, al naar gelang welk deel van het lichaam gedragen moet worden. Op uw gevoel kunt u de hardheid van een matras ook niet vaststellen en al helemaal niet hoe hard die voor u moet zijn. Bovendien kunt u een matras niet los zien van de ondervering. Ofwel er is geen algemeen advies te geven, behalve dan deze: laat het vaststellen aan de hand van een objectieve spierspanningsmeting!

8. Als je zwaarder bent moet dan de matras stugger zijn?

Als je zwaarder bent dan bijvoorbeeld je streefgewicht moet je niet een stuggere matras kiezen. Recent onderzoek met de objectieve spierspanningsmeting geeft aan, dat zwaardere personen juist op een soepeler matras beter ondersteund worden. Alleen moet je wel zo nuchter zijn, dat door een continue zwaardere belasting de levensduur afneemt. Maar we moeten de wereld niet op zijn kop zetten en vanwege een langere levensduur een stuggere matras gaan kiezen. Zie ook antwoord op vraag 10.

9. Heeft lengte en/of gewicht daar mee van doen?

Lengte en gewicht maken wel iets uit, maar de staatjes van: bij deze lengte hebt u een matras van die of die hardheid nodig, zijn uiterst onbetrouwbaar. Meer van belang is welke persoonlijke lichaamsbouw heeft u. Waar moeten de zones in de matras en ondervering bij u nu net zitten? Van hoofd gezien naar beneden zitten de schouders meestal nog wel op de zelfde plaats, maar bij iemand die bijv. 195 cm lang is, zal het veel uitmaken waar het bekken terecht komt. En ook heeft die persoon nu net lange benen of een lang bovenlichaam. Elk mens is uniek en dat kan niet in vakjes of staatjes worden uitgedrukt.

10. Als ik 20 kg afval (of zwaarder word), heb ik dan een andere matras nodig?

De basis van het advies over welk slaapcomfort heeft u nodig is uw eigen fysiologische (natuurlijke) houding. Bij gewicht toe- of afname verandert die houding niet. Stel uw ene been is 2 cm langer dan het andere, dan staat uw bekken scheef en krijgt uw wervelkolom een kromming. Die verdwijnt niet als u afvalt of zwaarder wordt.

11. Wat is de beste slaaphouding?

De beste slaaphouding voor de mens is een zijlig, waarbij beide benen worden opgetrokken en zoveel mogelijk op elkaar worden gehouden. Onder 14. wordt een variant van de zijlig behandeld, die eigenlijk geen zijlighouding is. De echte goede zijlighouding is veel beter dan de ruglig, omdat in rugligging de wervelkolom in de lage rug en bij de nek in een zogenaamde eindstand staat. Bij de lage rug wordt daardoor de lumbale holte niet goed ondersteund. Een goede zijligging is anders dan de flamingoslaaphouding (14.)

12. Is de houding waar ik het liefst en het meeste in slaap ook mijn optimale/beste slaaphouding?

De houding waar u meestal in slaapt op uw “eigen” bed is het gevolg van de mate waarin uw matras en/of ondervering u in staat stellen om te gaan liggen/slapen. Oorzaak en gevolg moeten hier niet door elkaar worden gehaald. Zie ook het antwoord op vraag 13 en 14. De oorzaak is het soort slaapcomfort waar u op gaat liggen. Dat bepaalt hoe u maximaal, optimaal kunt liggen. Op een harde matras en ondergrond kunt u niet goed op uw zijde blijven liggen. Automatisch gaat u dan meer in ruglig slapen. Is het bed nog een factor harder dan kunt u niet meer op de rug liggen en gaat u automatisch in buiklig komen.

13. Is op de buik slapen goed?

Buikligging is de slechts mogelijke slaaphouding. Uw wervelkolom wordt slecht ondersteund. Om adem te kunnen halen moet uw nek geheel naar links of rechts worden gedraaid met als gevolg dat u de nekspieren overstrekt en dat uw wervelkolom wordt getordeerd. Als u van jongs af aan op uw buik slaapt betekent dat nog steeds niet, dat dit uw voorkeurshouding is. U heeft al die tijd een te hard bed gebruikt.

14. Wat is een “flamingo-slaaphouding”?

De flamingohouding is genoemd naar hoe een flamingo staat. Het been op de matras wordt gestrekt en het andere wordt opgetrokken er over heen geslagen. Soms wordt er een arm omhoog onder het kussen gedaan, soms gaat de arm naar achteren. 70 à 80 % van de mensen slaapt te hard en gaat automatisch in deze houding liggen.

15. Hoeveel keer moet je ’s nacht draaien (van houding veranderen)?

Om een totale verzuring te voorkomen moet de mens tussen de 30 en 40 keer van houding veranderen. Slapen is absoluut geen passieve bezigheid. De mens is gemaakt om te bewegen.

16. Als je ’s nachts minder draait, is dat een teken, dat je een beter passend bed hebt?

Minder draaien betekent niet automatisch dat u beter wordt ondersteund door het slaapcomfort maar omdat de eigenschappen van de matras draaien vrij moeilijk of onprettig maakt. Zoals bij waterbed of de zogenaamde “NASA”-schuimen. Op een waterbed is het moeilijk te draaien en bij de visco-elastische schuimmatrassen komt u slecht uit de gevormde kuil.

17. Als ik vaak op de buik slaap en dat wil blijven doen, wat is dan het advies?

Het advies is als u dat echt wilt blijven doen, tegen alle adviezen van deskundigen in en het risico wilt nemen, dat u later de klachten die u zeker krijgt in de rug, nek en schouders voor lief neemt, koop dan de goedkoopst mogelijke harde matras en leg die op een harde ondergrond, zoals een dwarsgespannen spiraal of gaatjesbodem.

18. Wat zijn zones in matrassen?

Door opdeling van de matras in delen met een verschillende hardheid kunnen de diverse delen van het lichaam beter worden ondersteund. Zo is bijvoorbeeld een schouderzone soepeler dan een taille/lendezone. Bij de schouder moet voor de grotere breedte een soepeler deel/zone worden toegepast dan bij de taille. Er bestaan matrassen met 3, 5 en 7 zones. Om de matras in alle richtingen keerbaar te houden wordt de boven- en onderhelft gespiegeld. Bij een 3- zone matras is van hoofd- naar voeteind eerst een gecombineerd hoofd/schouderschouder deel en in het midden een gecombineerd bekken/tailledeel.Bij 5 zones wordt het hoofd/schouderdeel gesplitst in afzonderlijke delen en bij de 7 zones wordt ook het taille/bekkengedeelte gesplitst.

19. Zijn matrassen met 7 zones beter dan met 5 zones?

Afhankelijk van de persoonlijke bouw kan bij grote verschillen tussen de breedte van de schouder, de taille en/of het bekken de 7 zone-indeling een betere ondersteuning geven. Zonder objectieve meting is daar geen correct oordeel over te geven. Immers de zones moeten bij elk mens – waarvan er niet één gelijk is qua bouw – goed passen.

20. Als er zones in een matras zitten en ik ga anders liggen, werkt dat dan niet averechts?

Als de zones niet goed bij de beslaper passen dan kan dat averechts werken. Dan ga je anders liggen. Met een spierspanningsmeting is er achter te komen of de zones in een matras en bodem bij u passen.

21. Wat is het beste materiaal dat in een matras moet worden gebruikt?

De materialen in een matras moeten enerzijds goed aansluiten bij het lichaam en anderzijds de juiste steun geven in combinatie met een ondervering. (zie ook vraag 3 t/m 10). Daarnaast moet ook de vochtdoorvoer optimaal zijn. Per nacht verliest men gemiddeld 1 liter vocht, waarvan 1/3e gedeelte door de matras moet worden afgevoerd. Binnenveringmatrassen, zoals pocketveermatrassen kunnen redelijk goed vocht afvoeren, mits zij voorzien zijn van de juiste afdekmaterialen, zoals natuurlatex, wol en/of katoen. Recent onderzoek geeft aan, dat matrassen die uit meer dan 85% natuurlatex bestaan nog beter vocht afvoeren! U slaapt op miljoenen open celletjes en drukt het vocht er uit.

22. Wat is het verschil tussen Natuurlatex en Synthetische latex

Natuurlatex wordt gewonnen/afgetapt van de rubberboom, die voornamelijk in zuidoost Azië voorkomt. Synthetische latex wordt uit aardolie/nafta vervaardigd. Voor de gebruiker zit het grootste verschil in de vochtdoorlatendheid. Matrassen die uit minimaal 85% natuurlatex – dus slechts 15% synthetische latex – hebben een grotere vochtdoorlatendheid dan matrassen met 40% natuurlatex. En die laatsten zijn weer beter dan die welke geheel uit synthetische latex zijn vervaardigd. In Europa mag een matras met 40% natuurlatex al reeds als natuurlatex worden verkocht. Beter is de Zwitserse norm: bij meer dan 85% natuurlatex mag je een matras als natuurlatex matras verkopen.

23. I1.Is latex hetzelfde als schuimrubber?

Met termen als hevea, latex en schuimrubber wordt bedoeld, dat de rubber – zowel de natuurlijke als de synthetische variant – wordt opgeschuimd en gevulkaniseerd (gestabiliseerd). Zonder de vermelding of het synthetische latex of natuurlatex betreft en welke mengverhouding is toegepast, weet u eigenlijk nog niets over de eigenschappen waar het om draait.

24. Wat zijn NASA-schuimen?

NASA-schuim is een polyurethaan-schuim, meestal bestaand uit een onder en bovenlaag. De bovenlaag wordt gedrenkt in paraffine. Indien men daar op gaat liggen zakt ons lichaam naar beneden en wordt als het ware een soort mal gemaakt. Door onze lichaamswarmte stabiliseert deze mal enigszins. Daarbij wordt de kuil van ons bekken wat dieper dan bij onze voeten. De druk wordt dus wat verdeeld, maar dat levert net als bij een waterbed een doorgezakte lichaamshouding op. De eigen houding wordt veranderd en de lange rugspieren gaan corrigeren. Dit effect is te meten met een spierspanningmeting.

25. Is visco-elastisch schuim hetzelfde en zijn allerlei varianten daarop beter of minder?

Het NASA-schuim wordt ook wel visco-elastisch schuim genoemd. Er zijn verschillende fabrikanten, die varianten van het schuim op de markt brengen. TEMPUR ® is de fabrikant, die het oorspronkelijke schuim leverde aan de NASA voor bekleding van de zetels voor de astronauten. Bij de start komen extreem hoge G-krachten op het lichaam te staan en dan is een betere drukverdeling aan te raden. Echter de vertaling “het is door de NASA getest en dan moet het wel goed zijn” klopt niet. Bij slaapcomfort moet de druk niet verdeeld worden. Zie antwoord op vragen 34 en 35.

26. Wat is nu eigenlijk een boxspring?

In de basis is een boxspring een ondervering, waarbij een binnenveringmatras op een onderbodem(plaat) wordt gestoffeerd. Daar bovenop wordt een matras geplaatst. In de ogen van veel mensen dubbeldik slaapcomfort.Dat dubbele slaapcomfort straalt luxe uit. Vroeger was dat ook een binnenveringmatras, tegenwoordig veelal een pocket- of schuimmatras. Boxsprings worden veel in hotels toegepast om reden, dat het verschonen van het onderlaken van deze bedden wegens het ontbreken van een ledikant zeer snel kan worden gedaan.

27. Is/doet elke boxspring het zelfde

Er zijn zeer grote verschillen tussen de diverse boxsprings. Wat voor een soort veer, model en draaddikte wordt er gebruikt. Veel verschil ontstaat ook door de toegepaste bovenmatras.

28. Wat houdt Scandinavisch slapen in?

Het verschil tussen de in de meeste landen van de EU gebruikte methode van opbouw van een boxspring wordt in de Scandinavische landen vaak “onze” box/ondervering geïntegreerd met de bovenmatras en daar bovenop wordt een dunne topmatras gebruikt. De achterliggende gedachte is, dat het zwaarst gebruikte deel van de boxspring-combinatie – het bovenste deel – om de 5-10 jaar vervangen en blijft de ondervering gehandhaafd.

29. Wat is een topper en wat voegt die toe?

Een TOPPER is een topmatras die boven op een matras wordt gelegd met het doel om het comfort te verbeteren. Of zoals bij de Scandinaviërs onderdeel van de manier om slaapcomfort te combineren met een snellere vervanging van de matras financieel aantrekkelijker te maken. Als je niet de gehele combinatie maar alleen een topmatras kunt vervangen, is de investering minder groot. Is de matras en de ondervering niet van een goede kwaliteit, dan zul je er met het plaatsen van een topmatras wel enige verbetering kunnen krijgen, maar een echte oplossing is het niet. Indien – en dat geldt zowel voor het Scandinavische slapen als de hiervoor beschreven oplossing! – er zones zitten in de onderliggende matras en/of ondervering, dan voegt de topmatras niets toe. Integendeel het slaapcomfort wordt juist minder omdat de werking van de zones om zeep wordt gebracht. Ook is het zo, dat het maar opstapelen van allerlei lagen (Håstens) zonder zones een soort luxe hangmat creëert. Het zwaardere bekken zakt daarbij meer weg dan de voeten. Zie het antwoord op vraag 34.

30. Is een oplegmatras het zelfde als een topper?

Een oplegmatras, topper en topmatras en afdekmatras zijn synoniemen. Uiteraard zijn er verschillen door het gebruik van verschillende vulmaterialen, zoals wol, paardenhaar, latex of viscoschuim.

31. Is een boxspring beter dan een lattenbodem?

Allereerst een 1 op 1 vergelijking tussen boxspring, lattenbodem gaat eigenlijk fout, vanwege zeer uiteenlopende kwaliteitsverschillen. Een slechte lattenbodem die bijv. bestaat uit massieve latten, zal doorgaans minder zijn dan een boxspring vanwege de inveercapaciteiten. Een lattenbodem met goede zonering voor schouders, taille en bekken zal het winnen van een boxspring zonder zones, indien daar dezelfde redelijk soepele matras wordt toegepast. Maar vergelijken we een boxspring, die tegenwoordig ook leverbaar is met zones (losse pocketmodules) met een goede lattenbodem (verende latten met zones) dan zou de boxspring wel eens beter uit de vergelijking komen. Maar zonder een objectieve spierspanningsmeting blijft het vergelijken van appels met peren.

32. Is een boxspring beter dan een spiraal?

Als we globaal de vier soorten onderveringen vergelijken, spiraal, latten- of schotelbodem en boxspring, dan scoort de spiraal het slechts op het punt van comfort vanwege het totaal ontbreken van zones. (op het punt van vochtdoorvoer scoort de spiraal het beste). De boxspring scoort – indien er geen zones in zitten – weer minder dan de latten en/of schotelbodem. Zonder objectieve spierspanningsmeting is er totaal geen uitspraak te doen omdat het een uiterst persoonlijke individuele zaak is wat bij iemand past.

33. Is een lattenbodem beter dan een spiraal?

zie 32.

34. Is een schotelbodem beter en wat is dat eigenlijk?

Een schotelbodem is een raamwerk met dwarsregels (latten) waarop een soort kunststof schoteltjes zijn gemonteerd. Door verschillende hardheden toe te passen kunnen er zones worden gecreëerd. Geheel afhankelijk van de daarop geplaatste matras kan een schotelbodem voor veel mensen een goede oplossing betekenen. Voor wie? METEN IS WETEN, maar dan wel met een objectieve meting!

35. Wat doet drukverdeling?

Drukverdeling is in feite regelen, dat druk die per definitie door onze eigen persoonlijke lichaamsbouw op verschillende plaatsen op een matras anders is, meer gelijkmatig maken. Daardoor veranderen we gelijktijdig onze houding en gaan de lange rugspieren juist meer werken dan beoogd. Drukverdeling is eigenlijk onnatuurlijk en dat moeten we niet nastreven. Metingen met drukmatten zijn derhalve niet zinvol.

36. Is het opheffen van de drukpunten belangrijk?

Drukverdeling is alleen daar nodig als er grenzen worden overschreden. Dat wil zeggen de druk op de huid en onderweefsel te hoog wordt. Als dat gepaard gaat met immobiliteit (bedlegerige personen, die niet kunnen draaien en/of van houding veranderen) plus ontregelde vochthuishouding zoals dat met een ziekenhuismatras het geval is, dan kunnen snel doorligverschijnselen (decubitus) optreden. Kortom in de huiselijke sfeer met een goede gezondheid is het niet noodzakelijk om druk te verdelen. Drukverdeling is doorgaans nu net precies waar we niet naar moeten kijken. De oorzaak ligt bij de mens zelf. Bij de juiste ligging op bed in een goede zijlig, waarbij de benen op elkaar liggend worden opgetrokken, krijgen we grote verschillen in breedte en gewicht. Al naar gelang de breedte in de schouders en bekken en de smallere taille zal goed slaapcomfort op al die plaatsen de juiste ondersteuning moeten bieden. Dan is drukverdeling nu net juist wat we niet moeten hebben. Het gebruik van paardenhaar omdat het wat beter de druk verdeelt dan andere materialen is zonder twijfel niet zinvol. Paardenhaar houdt transpiratievocht heel lang vast. Vraagt u het maar aan paardenkenners.

37. Is een waterbed goed?

Aan een waterbed kleven grote nadelen. Het verdeelt de druk. (Zie 35 en 36.) De vochthuishouding is ontregeld. Transpiratievocht kan niet naar onderen weg. Een waterbed is omdat water verwarmd moet worden de grootste energievreter in een huishouden.

38. Maakt stabilisatie iets uit?

Stabiliseren levert geen betere ondersteuning op. Bij een grotere stabilisatie is na houdingverandering het bed eerder in “rust”. De werking van water, zoals in de wetten van hydrostatica worden beschreven (Archimedes), blijft onverkort van kracht.

39. Zijn spierspanningmetingen geen momentopnames?

Doordat ons lichaam als we zijn uitgegroeid gedurende een groot aantal jaren (20-30) niet wezenlijk anders wordt, zal ons lichaam op verschillende meettijdstippen op de zelfde wijze reageren op diverse soorten slaapcomfort. Er wordt wel gedurende een heel korte tijd razendsnel gemeten, maar de uitslag van de vergelijkende meting is een zeer constante.

40. Bestaat er een persoonlijk SLAAP-DNA ®, wat wordt daarmee bedoeld en is deze meting een momentopname?

Dealers van ERGOSLEEP ® gebruiken de methode van de “profielmeting”. Deze methode heeft de louter commerciële omschrijving slaap-DNA gekregen. DNA staat volgens de fabrikant LS-Bedding nu voor Dynamische Nachtrust Analyse. Wat gesuggereerd wordt dat er zoiets als een slaap-dna zou bestaan is onzin. Er is zelfs geen sprake van een dynamische nachtrust analyse, omdat deze profielmeting een momentopname is en niet een analyse van een gehele nachtrust. Zoals op onze website staat omschreven wordt er bij deze meting op een dunne toppermatras gemeten, die op een lattenbodem ligt. Daarbij wordt u gemeten liggend op 1 zijde (en niet op beide zijden). Vervolgens wordt de hoogte-instelling van de latten bij de schouders, taille en bekken berekend. Vervolgens dient u een matras van normale dikte op het” eigen gevoel” uit te zoeken die op de voor u berekende ondervering. U kunt zelf uw conclusie wel trekken.

41. Wordt er door elektrisch verstelbare bedbodems een schadelijk magnetisch veld opgewekt?

De huidige generatie (laatste 15 jaar) motoren onder bedbodems worden gevoed via een transformator met 24V gelijkstroom. Bij deze motoren is geen magnetisch veld. Slechts bij de transformator kan een te verwaarlozen magnetisch veld worden waargenomen. Doordat de duurdere uitvoering van een “spanningvrij”-schakelaar zijn voorzien is dat veld(je) er alleen wanneer de motoren in bedrijf zijn. Tijdens het slapen (meer dan 99% van de tijd) is er dus geen magnetisch veld. Ofwel deze verhalen kunnen naar het rijk der fabelen worden verwezen. Conclusie: koop geen bedbodem zonder de genoemde “spanningvrij”-schakelaar.

42. Wat is SlaapID en is dat een goede methode om nieuw slaapcomfort aan te schaffen?

Uw slaapgedrag wordt gemeten via de SlaapID-sensor. De sensor registreert de volgende gegevens: Slaaphoudingen, Slaapbewegingen, Slaaptemperatuur en Slaapritme. De sensor meet dat bij u thuis, terwijl u slaapt op uw huidige bed.

U krijgt dus inzicht hoe u nu slaapt, maar de vertaling wat u op basis van de resultaten moet kopen is vrijwel onmogelijk.

Als u nu op uw buik slaapt – wat de alle slechtste slaaphouding is – zal het advies van de erkopers bij de bedrijven die deze sensor gebruiken zijn: koop een hard bed. Dan blijft u slapen zoals voorheen, terwijl u er wel rugklachten mee heeft opgelopen. Per saldo is SlaapID een “marketingtool” en geen goede methode.
ornament

Goede rust is belangrijk!

Logo Stichting voorlichting slaapcomfort